Barokisering

 

Home
Up
De 19de eeuw
Barokisering
Stabiliteitsproblemen
De dwarsbeuk
De dwarsbeuk
Uitbreiding koor
Verbouwing
De nieuwe benedenkerk
Het ontstaan
De nieuwe benedenkerk
Het ontstaan
De 19de eeuw
Barokisering

03.gif (24995 bytes)

Door de vloerverhoging verdwenen systematisch alle resterende oudere altaren en werden koor en kapellen met nieuwe altaren, afsluithekkens en banken in barokstijl uitgerust. Onder het bestuur van pastoor Roger Nottingham (1656-1691), een Ierse balling, werd nagenoeg het hele kerkmeubilair vernieuwd. Om deze grote decoratiewerken te financieren werd een beroep gedaan op mecenaat, waaraan heel wat parochianen deelnamen. Naast altaren liet Nottingham rijkversierde muurbekledingen, lambrizeringen, kasten, koor- en kapelafsluitingen, broederschapskatalogen, epitafen, communiebanken, een preekstoel, reliekhouders, beelden en schilderijen vervaardigen. Op 18 mei 1673 moesten alle altaren afgewerkt zijn, aangezien die dag het hoofdaltaar en alle zijaltaren plechtig werden ingezegend.

P15b.GIF (18730 bytes)

De barokisering werd ook aan de buitenzijde van de kerk doorgevoerd. Zo werd in 1681 een nieuw westportaal met dubbele geblokte toegang en bekroond met een rijkversierde beeldnis geplaatst.
Blijkbaar volstonden de grondige wijzigingen in het interieur nog niet. Door het verhogen van de vloer met zowat 1,50 meter was de gotische binnenruimte volgens de 18de-eeuwse esthetiek blijkbaar niet meer harmonieus. De gotische spitsboogvensters waren voor meer dan een derde dichtgemetst. De kolommen, pijlers en diensten hadden geen zichtbaar basement meer. Daarom werd onder leiding van architect David ‘t Kindt ernstig werk gemaakt van een grondige face-lifting van het wat onsamenhangende interieur. P15a.GIF (21052 bytes)

Muren werden geëffend, geprofileerde lijsten en uitspringende haakkapitelen schaamteloos afgehakt en de drielichten in de bovenlichtmuur volledig dichtgemetseld. Muren, hoofdgeledingen, kolommen van koor, schip en kapellen werden opnieuw gefatsoeneerd door middel van een nogal strenge bepleistering en spaarzaam opgesierd met lijstwerk, sterk vereenvoudigde kapitelen en rococo-siermotieven (cartouches, blad- en bloemmotieven). De gotische maaswerkvullingen van de spitsboogvensters van koor en benedenkerk werden systematisch vervangen door een smeedijzeren harnas. Er werd kleurloos glas in lood, gevat op een patroon van geometrische vlechtmotieven, geplaatst.